dinsdag 20 maart 2012

Duurzaamheid van duurzame panden valt vies tegen

Nog maar net hebben de goede voorbeeldgevers van onze innovatieve economie hun enorme, verouderde kantoorkolossen eenzaam aan de rand van ons Groene Hart achtergelaten. Hun ‘oude kloffie’ hebben zij ingeruild voor de laatste mode: nieuw opgetrokken, duurzame, BREEAM verantwoorde, ‘state-of-the-art’ bedrijfspanden. Gebouwen die natuurlijk geheel zijn ingericht op ‘Het Nieuwe Werken’. En wat blijkt nu?

De werkelijke energiebesparing
De werkelijke energiebesparing in die zogenaamd duurzame panden valt vaak vies tegen! Ons ‘Nieuwe Werken’ wordt namelijk ernstig bedreigd door onze oude gewoonten. Want als wij het niet rechtstreeks voelen, in onze portemonnee bijvoorbeeld, nemen we het thema ‘energiebesparing’ niet mee in onze dagelijkse routine. Dus blijven onze printers, computers, verwarming en verlichting ook na zessen in bedrijf, terwijl wij ons thuis bij de warme kachel verpozen met de nieuwste documentaire van BBC Life.

Ja, wij zijn graag verantwoord bezig met zijn allen, maar kijken daarbij meer naar ons imago dan naar ons gedrag. Zo lang we maar in een duurzaam verantwoord pand zitten, met certificaten aan de muur om dat te bewijzen, gaat het wel goed met ons.   

Het goede voorbeeld
Maar was het idee van duurzaamheid niet ook een idee van ‘verder kijken dan je neus lang is’? Dus ook kijken naar het lege pand dat je achterlaat?  En hoe zit het met de waarachtigheid, de kritische blik op de eigen neus? Wordt die neus niet langer als we tijdens onze borrels hoog opgeven van de energiezuinigheid van ons kantoor? Gelukkig zijn ook er ook wat werkelijk goede voorbeelden aan te wijzen. Zo bracht ingenieursbureau DHV bij de renovatie van haar 40 jaar oude hoofdkantoor in Amersfoort het energielabel van G naar A, bij een energiebesparing van €100.000,- per jaar. Daar mogen ze best even over opscheppen. En onlangs schreef ik voor Amersfoort Ondernamen een artikel over Van Dorp installaties. Dit installatiebedrijf heeft nu een aantal ‘apps’ ontwikkeld om het energie-bewustzijn van bedrijven te vergroten. Daarbij spreekt men niet meer alleen over de ‘energiebesparing’ maar ook over ‘energieprestatie’. Een prestatie die je kunt meten door het energieverbruik van je eigen bedrijf te vergelijken met het verbruik van soortgelijke bedrijven. Energieprestatie. Een beetje een mannenterm. Maar dat is een ander onderwerp. Als deze term maar helpt om ons bewustzijn, en daarmee ons gedrag, in positieve zin te veranderen, ja toch?

N.B. Ook mijn eigen energieprestatie laat wel eens te wensen over. Bij het schrijven van dit artikel, in mijn ‘Nieuwe Werken verantwoorde’ kantoor aan huis, is mijn eigen neus dan ook iets langer worden. Wat meteen aantoont hoe verdraaid lastig het is om met zijn allen echt een energieprestatie te leveren.

donderdag 1 maart 2012

Het geheim van succes

Kunt u het ook? Navelstaren? Malen over 200 ideeën, zonder er één uit te voeren? Nadenken over mogelijke kansen die u laat liggen om succesvol te zijn? Navelstaren geeft me wel eens een verlamd gevoel. Het soort gevoel dat internetmarketing-goeroe Eelco de Boer treffend omschreef als een ‘analyse paralyse.'

Afgelopen jaar bezocht ik zijn internetmarketingseminar. Wat was zo ongeveer de eerste boodschap van Eelco aan zijn 300 koppige publiek? “Jongens, ‘hét geheim van succes’ bestaat helemaal niet! Succes is niet veel anders dan actie: iets doen wat je te gek vindt en daarin volharden. Motie leidt tot emotie, actie leidt tot reactie, en uiteindelijk tot succes.” De definitie van ondernemen is niet voor niets ‘een bedrijf of actie in werking stellen.’

Het succes van Eelco begon omdat hij het wel ‘kicken’ vond om oude muziek te beluisteren. Hij kocht en verkocht platen via marktplaats.nl. Hij besloot een website te laten bouwen waardoor hij nog meer platen verkocht. Er volgden meer soorten webshops met andere producten. Toen hij na een aantal jaren ineens zeventien man personeel had, kwam hij terecht in een ‘analyse paralyse’: hij maakte zich alleen nog maar zorgen over zijn personeel en concludeerde dat hij een bloedhekel had aan managen. Op dat moment verdiende hij veel geld. Hij was zogenaamd succesvol maar zijn succes leverde hem geen enkel plezier op.

Binnen een goed jaar tijd bracht hij zijn bedrijf terug naar een eenmanszaak waarbij zijn omzet verdrievoudigde. En dat terwijl omzetgroei of winst nooit zijn hoogste doel was geweest! Zijn doel was: met meer plezier werken. Daarin is hij geslaagd. Winst was het neveneffect. Ik vind het een prachtig verhaal.

Betrap ik mezelf op navelstaren, dan weet ik dat het ergens goed voor is. Het leidt altijd tot actie. Zinvolle actie, dat wel. Als ik daarvoor even moet navelstaren, dan moet dat maar. Mijn motto is niet voor niks: ‘Volg je hart zodat je gezicht je leven lang straalt.’

vrijdag 24 februari 2012

Mevrouw van Diepen slaakt een zucht


Mevrouw van Diepen slaakt een zucht.
In de buik van de accordeon gevangen,
Emotie, zindering van genot,
Monumenten van verlangen,

Ze praat een beetje hard,
En heeft een hart van goud.
Een goede grap,
Een verspreking, een fout?

Het moment, het leven,
Grijpen, vasthouden, en ook…
weer weggeven.
De inhoud van mijn handtas,
Mag niet baten.
Iemand snuit zijn neus. Een snik?
Ik dacht dat ik de enige was.
Uit het hart van de vleugel klinkt,
Het grote verlaten.

Over de theatervoorstelling:
‘Vliegen met één vleugel’Agenda onder Speellijst: www.delfgaauw.nl



maandag 29 november 2010

OVER SEO ENZO, DEEL 1

Ach waarom niet?
Ik heb er de laatste tijd veel over gelezen: zoekmachine-optimalisatie. Dus waarom niet een keer een blogje over dit onderwerp? Één blogje, of misschien wel meer, wie weet.

De Content
Zoekmachines willen op basis van ingetypte zoekwoorden de meest relevante informatie tonen aan de (be)zoeker. De content is daarvoor erg belangrijk. De content op een website bestaat uit een titel, (sub)koppen, tekst en een ‘metadescription’:

Onderdelen van de content:-
- Titel
- Koppen en subkoppen
- Tekst
- Metadata


De Titel

Van alle onderdelen in de content, hechten zoekmachines de meeste waarde aan de titel van een pagina. De ‘title-tag’ wordt weergegeven in de titelbalk van de browser, en als linktekst voor de zoekresultaten op de resultaatpagina.

Een titel vertelt in een paar woorden waar de pagina over gaat. Een zoekmachine gebruikt o.a. de title-tag om het thema van de pagina te bepalen. Vandaar dat je hier niet zo veel hebt aan supercreatieve titels en slogans, als de juiste zoekwoorden er niet in voorkomen.

Richtlijnen voor title-tags
- Gebruik max. 65 tekens
Zoekmachines kunnen max. 65 tekens laten zien. Is een title-tag langer dan maakt google hem zelf een kopje kleiner. Dat wil je natuurlijk niet.
- Begin de titel met de belangrijkste zoekterm voor de betreffende pagina
Bijvoorbeeld: 'chocoladeletter'(productnaam) kopen? Bestel nu bij Fairtradepiet BV(bedrijfsnaam).
- Overweeg hier eventueel een 'clickopwekkende'tekst te gebruiken.
Bijvoorbeeld: Chocoladeletters(productnaam)aanbieding! Bekijk nu ons assortiment!
- Vaak wordt de bedrijfsnaam aan het begin van de title-tag gezet. In sommige gevallen kan dit meer clicks genereren (als je bedrijf bekend is en een goed imago heeft). Maar in de meeste gevallen word je beter gevonden als je de titel begint met het belangrijkste zoekwoord van de pagina, en je de bedrijfsnaam later in de titel vermeldt.
Bijvoorbeeld: Chocoladeletters koop je natuurlijk bij Fairtradepiet BV

Tot zover les 1. Het is een beetje taaie 'lesstof' misschien, en empirisch onderzoek door mij persoonlijk heeft aangetoond dat je lesstof het best tot je neemt in kleine brokjes tegelijk.
Dit was dan het eerste brokje. Als ik zin heb volgen er misschien nog wel meer.

donderdag 11 november 2010

Wat is nou duurzaam?

Duurzaamheid is momenteel een helemaal ‘hot’ in de reclame. Reclame maken voor duurzaamheid is prima hoor. Een ’win-win-situatie’ wat mij betreft, maar dan moet je wel de waarheid spreken vind ik. En daar twijfel ik wel eens aan.

Wasverzachter in kleine verpakkingen
Ik koop al jaren zo’n flinke fles wasverzachter (twee liter voor €1,89) van het AH-merk. Prima geurtje, flinke fles, gaat lekker lang mee. Maar laatst kon ik hem niet meer vinden. Het leek erop dat hij, in mijn AH in ieder geval, vervangen was door zijn kleine broertje: 750 ml geconcentreerde wasverzachter voor €1,71. ‘Kleine fles, dus veel duurzamer’, zo luidt dan het verkoopverhaal. Nou, ik weet het niet hoor. Als ik een klein beetje van dit goedje bij mijn was doe, wordt niet alles opgenomen bij 400 want het spul is te dik. Verdun ik het met evenveel water (in die grote lege flacon die ik nog had staan), dan houd ik anderhalve liter geurigheid over die een stuk minder geconcentreerd lijkt dan de wasverzachter uit de oorspronkelijke grote fles van €1,89. Als ik me niet vergis heb ik dus minimaal twee van die kleine flessen nodig voor dezelfde geursensatie (=méér afval=minder duurzaam). Mijn stelling luidt: Die kleine fles is minder duurzaam dan die grote, en je moet er meer voor betalen. Een verlies-verlies-situatie, toch? 

Biologisch vlees
Ook zo´n onderwerp dat heel eenvoudig lijkt maar het niet is. Het meest voor de hand liggende idee is: “jongens, allemaal aan het biologische vlees, want dat is beter.”

Maar stel: heel Nederland eet voortaan biologisch vlees. Alle dieren blij. (Nou ja in ieder geval blijer dan nu). Maar dan krijg je gigantische problemen met de grondverdeling! Wat gaat voor: dieren, mensen/woningen, of akkerbouw? De hoeveelheid meststoffen in de grond en het grondwater wordt dan ook enorm. Dat is niet duurzaam! Als die beesten ‘hutjemutje’ staan, zijn hun uitwerpselen een stuk eenvoudiger op te vangen en af te voeren. Ook hebben ze dan minder verwarming/verlichting nodig (hutjemutje=duurzamer). Deze problemen zijn wellicht met slimme techniek ooit wel op te lossen maar dit is vooralsnog een lastige en kostbare operatie.

Voor mezelf heb ik gekozen voor een soort tussen-oplossing: minder vlees eten. Iedere week heb ik minimaal één ‘vegadag’. Eet ik wel vlees dan kies ik een beetje ‘halfslachtig’ (leuke term in dit verband) voor die zwarte bakjes met dat stempel van de dierenbescherming. Die beesten hebben een ‘ietsiepietsie’ beter leven gehad dan de ‘kiloknallers’, en je betaalt er wat meer voor.  Een soort ‘nja-nja-situatie’ in dit geval.

Om mijn halfslachtigheid dan toch weer even recht te lullen: als heel Nederland mijn voorbeeld volgt worden we netto samen toch wat duurzamer. Weet je wat, ik roep gewoon groots op tot het invoeren van de ‘Vega-Vrijdag’: iedereen een dagje minder vlees. Eind goed, al goed.

dinsdag 26 oktober 2010

OVER MVO ENZO

‘MVO’, ‘MBO’, ‘Duurzaamheid’, ‘Cradle-to-cradle’, ‘People-planet-profit’ : het zijn niet langer ‘trendy termen’, maar inmiddels bittere noodzaak. Zo blijkt maar weer uit de afwijzing die ik vandaag nog ontving:
“… . Voor deze functie is de opdrachtgever op zoek naar kandidaten die over meer ervaring op het gebied van duurzaamheid beschikken…”

Tja, moet ik voortaan in al mijn profielen en op mijn website vermelden dat ik netjes mijn afval scheid, wel eens vrijwilligerswerk heb gedaan, wel eens een blinde man door de grote stad heb geleid, en water oplosbare verf heb gebruikt voor het schilderen van mijn huis? Aan de andere kant: als we allemaal niks deden aan ‘MVO’, ‘MBO’ en noem ze allemaal maar op, tja, dan werd de wereld er in ieder geval ook niet beter op.

Heb jij je wel eens afgevraagd wat je eigenlijk doet voor ‘een betere wereld’? In goede harmonie leven met partner en gezinsleden is op zich al een enorme stap op de goede weg natuurlijk, maar daarnaast? En doe je die dingen dan heel onzelfzuchtig, ‘voor een ander’, of eigenlijk toch ook een beetje voor jezelf?

Als ik eerlijk ben, en dat ben ik vaak, doe ik ze ook een beetje voor mezelf. Of “een beetje”, best wel veel eigenlijk. Vanavond ga ik naar het feest van Awareness: okay,ik ben een tientje kwijt voor dat goede doel Morning Tears, maar ik ga lekker leuke mensen ontmoeten, een beetje netwerken en zo. Op 6 november doe ik een paar uur mee aan de nationaltweetup (www.nationaltweetup.nl). Leuk voor dat goede doel Morning Tears, maar ook leuk om mezelf een beetje te profileren. Ik mag het niet hardop zeggen, maar dat hele mvo-gebeuren is gewoon goed voor ons ego en goed voor onze ‘zichtbaarheid’…

En toch hè, toch, iets goeds doen voor de maatschappij levert je vaak nog iets extra’s op. Een cadeautje dat je krijgt, wat je niet had verwacht. Wat dat is weet je van tevoren niet. Maar het is er beslist. Twee weken geleden vertelde een vrouw van stichting ‘Matchpoint’ nog dat een fotograaf, die ‘belangeloos’ foto’s had gemaakt tijdens een leuke dag voor gehandicapte kinderen, de leukste dag van zijn leven had gehad. Ik bedoel maar.  We schieten er toch wel wat mee op met zijn allen.

woensdag 13 oktober 2010

Gaten in de markt?

22 jaar geleden. Ik zal het nooit vergeten. Tijdens de marketingles op de HEAO had ik het idee dat de docent iets heel doms zei. Ja, ik was 18, nog niet gepokt en gemazeld. Nu weet ik zeker dat hij iets doms zei…

Een leerling: “We hebben tegenwoordig zo veel, alles is er eigenlijk al. Denkt u nou zelf dat er nog ‘gaten in de markt’ zijn?” Wat was het antwoord van deze bijzondere docent marketing: “Nee, volgens mij is de markt tegenwoordig compleet verzadigd.” Ik vond het een vreemd antwoord. Gaten in de markt zijn er altijd. Toch? Je moet ze alleen weten te vinden. Ik weet nog dat ik in dat jaar (1988) droomde van een paar rollerskates. Maar die dingen waren toen nog onbetaalbaar (en ca. 10 jaar later een rage). Ik had trouwens ook nog geen computer en geen mobiele telefoon, en wist niet dat ik het ooit nodig zou vinden om ze te hebben;-)

Een gat in de markt wordt door de meeste mensen pas ontdekt op het moment dat het al door iemand gevuld wordt. Ik noem maar wat: de gedachte “Oh ja, ‘Linkedin’, daar moet ik ook nog iets mee. Laat ik eens een training volgen.” Zo’n training bestaat al jaren natuurlijk. En die ene hele goede ‘Linkedin’-trainer is waarschijnlijk al lang bezig een volgende hippe training te ontwikkelen.

Wil je succesvol zijn, dan moet je als één van de eersten dat gat zien, daar waar anderen het niet zien. En durven investeren. Ondernemen heet dat.

Ik ontdek nog steeds eerder een gat in mijn hand dan een gat in de markt, maar ik help wel graag bedrijven met het vullen van de gaten die zij hebben ontdekt. Ik schrijf het verhaal van mijn klant in de taal van zijn klant. Ik kan bijna niks leukers bedenken. Ondertussen blijf ik dromen van paskamers met goede verlichting.

PS Goede linkedin-trainer gezocht? Google Vincent Smit of Judith de Pagter.